Productie!

Productie!

Je hebt een idee voor een boek en je wilt dat laten uitgeven door Nijgh & Van Ditmar. Hoe gaat dat nou in zijn werk? Lees even mee. Sinds 2009 ben ik ervaringsdeskundige.

            Je legt je idee voor (e-mail, brief, telefoontje). Je krijgt antwoord. Als het antwoord ‘ja’ is, kom je eens langs op Singel 262. Als het antwoord ‘nee’ is, kom je niet langs.

            Heb je het ja-woord, dan bespreek je je idee met Vic van de Reijt. Die is bij Nijgh de uitgever. In mijn geval zat Caroline Mulder er ook meteen bij. Zij ging als redacteur mijn boek verder begeleiden. Dat kan van redigeren en persklaar maken tot en met corrigeren aan toegaan.

            Als je een bewerkelijk boek wilt maken (met bijv. veel illustraties), wees dan verstandig en spreek al meteen de omvang van je boek af. Heb je een houvast en voorkom je allerlei gedoe later. Slim is ook om al meteen een deadline, een inleverdatum, af te spreken met de uitgever. Ook een deadline biedt je houvast.

            Na die eerste bespreking ga je verder aan de slag met je boek. Let op: ze willen al heel snel een wervend tekstje voor een voorjaars- of najaarsaanbieding. Dat schrijven zij niet, dat schrijf jijzelf. Ook al is je boek nog lang niet af, besteed tijd en aandacht aan dat tekstje, want je leest dat naderhand keer op keer terug als er publiciteit komt voor je boek. Is namelijk reuze handig voor een recensent, dat tekstje.

            Ook al snel zit je samen met de Uitgever en de Redacteur om de tafel met de Vormgever van je boek. Die heeft dan al enkele ontwerpen voor het omslag gemaakt. Spannend!

            Terwijl jij je boek voltooit, laat de Redactrice af en toe iets van zich horen. Hoe het gaat (met je boek natuurlijk). Of het al opschiet (idem). Want er zijn al afspraken gemaakt met een drukker en een binder en het papier moet worden besteld en copyrights geregeld. Dat soort zaken. Planning!

            Ondertussen heeft dan ook Maaike van Veen zich bij je gemeld. Maaike doet de zakelijke zaken, contractengedoe, je sofi-nummer, het regelen van alle rechten.

            Dan nadert de deadline. Let op: lever je tekst zo goed mogelijk in! Check spelfouten, voorkom inconsequenties, let op de logica. Ook dat voorkomt heel veel gedoe later. Hoe beter je je tekst inlevert, hoe minder gedoe. Als je je tekst eenmaal hebt ingeleverd, dan ben je die kwijt. Dat wil zeggen: het wordt steeds lastiger om nog wijzigingen aan te brengen, want die kosten allemaal geld.

            Na een paar weken komt de eerste proef. Dat is slikken! Ineens zie je zaken die je al die maanden (jaren?) over het hoofd hebt gezien. In die eerste proef kun je je nog wel iets veroorloven, want niemand wil blunders in een boek. Of iets komt niet lekker uit of iets is niet goed overgekomen bij de vormgever. Wees bij die eerste proef dus niet te bescheiden als auteur! Maar blijf wel redelijk. In die fase je boek nog helemaal om gaan gooien is een brevet van onvermogen (van jou!). Dan is er vooraf echt iets misgegaan.

            Waarschijnlijk krijg je nog wel een tweede proef onder ogen en als je heel lief blijft, zit je op het allerlaatst op de uitgeverij de allerlaatste proef nog te corrigeren.

            Daarna moet je echt alles uit handen geven.

            Je boek verschijnt.

            Heb je dan alles achter de rug? Nee, want inmiddels is Ilse van der Zee allang bij jou in beeld gekomen. Zij doet de publiciteit bij Nijgh. Probeert jou en je boek positief in het nieuws te krijgen.

            Kortom.

Dit is min of meer de volgorde waarmee je als auteur te maken hebt: 1. Vic, de uitgever; 2. Caroline, de redacteur; 3. Maaike, voor het zakelijke; 4. De vormgever; 5. Ilse voor de publiciteit. Vijf verschillende personen met vijf verschillende taken en ik kan je als ervaringsdeskundige verzekeren: dat is bij Nijgh verdomd goed geregeld.